Dossier: Strafzaken
drs. L.W. Verhoef
registeraccountant
Kersengaard 13
3962 JR Wijk bij Duurstede

Wijk bij Duurstede, 29 oktober 2004

Gerechtshof te Amsterdam
Postbus 1321
1000 BH Amsterdam

Betreft: Wetboek van Strafvordering artikel 12-procedure
             Vervolging boekhoudfraude gemeente Amsterdam

Geacht Hof,

Op 19 maart 2003 (ruim anderhalf jaar geleden) deed ik (bij de politie in mijn woonplaats) aangifte van boekhoudfraude (i.c. valsheid in geschrifte in een jaarrekening) bij de gemeente Amsterdam. Op 8 januari 2004 breidde ik mijn aangifte uit met recentere informatie. Het gaat om boekhoudfraude in de jaarrekeningen 1998 tot en met 2002 van de gemeente Amsterdam met een omvang van circa 2.167 miljoen euro.
Na deze aangiften heb ik niets meer vernomen, zodat ik aanneem dat deze ergens liggen te vergelen onderin een la op een of ander politiebureau of in een bureau van een Officier van Justitie.
Wanneer het Openbaar Ministerie besluit tot seponeren van een aangifte, kan daarover op grond van Wetboek van Strafvordering artikel 12 een klacht worden ingediend bij het betreffende Gerechtshof, in dit geval, naar ik meen, het Gerechtshof te Amsterdam. In het onderhavige geval is geen sprake van seponeren, er is zelfs helemaal niets met mijn aangifte gebeurd. Naar analogie van andere zaken in ons rechtsstelsel waarbij "geen uitspraak" dezelfde klacht- en beroepsmogelijkheden biedt als "negatieve uitspraak", dien ik hierdoor een klacht in tegen het niet behandelen, c.q. afwijzen, van mijn aangifte en het niet instellen van nader onderzoek en vervolging.
Graag verneem ik van u of ik ontvankelijk ben in mijn klacht. Als dit het geval is, zal ik u, na uw bericht hierover aan mij, van verdere informatie voorzien op grond waarvan uw Hof kan beslissen over de vervolging wegens boekhoudfraude van de daarvoor verantwoordelijken.
Graag verneem ik van u.

Met hoogachting,

L.W. Verhoef