Dossier: NIVRA
Dossier: In de media


In Accountantsonline.nl (nummer 158 dd. 10 maart 2006) verscheen een reactie van het bestuur van het Koninklijk NIVRA op de beweringen
van Leo Verhoef.
Opvallend is dat voorafgaand aan deze reactie het bestuur van het NIVRA geen enkel overleg met Leo Verhoef daarover heeft gehad.
Hieronder leest u de reactie van het NIVRA en daaronder hetzelfde maar nu aangevuld met commentaar (in rood) van Leo Verhoef.


Reactie NIVRA inzake Verhoef
 
De afgelopen jaren is er kritiek geuit op vermeende onjuistheden in de jaarrekening van gemeenten. De kritiek richtte zich vooral op de verslaggevingsregels van het ministerie van Binnenlandse Zaken waaraan gemeenten, provincies en accountants zich moeten houden. Belangrijkste punt van kritiek was dat gemeenten zich in hun jaarrekening armer voordeden dan ze feitelijk waren. Gesuggereerd werd dat ze bepaalde inkomsten buiten de jaarrekening zouden houden, met als gevolg een te hoog niveau van gemeentelijke belastingen.

Nu was het buiten de jaarrekening houden van inkomsten niet aan de orde: de goedgekeurde jaarrekeningen gaven wel degelijk een getrouw beeld. Het misverstand kwam voort uit het feit dat de resultatenrekening niet alle inkomsten en uitgaven bevatte. Een deel van de inkomsten was namelijk rechtstreeks verwerkt in het eigen vermogen. Hoewel deze wijze van boeken volgens de regels en op democratische wijze tot stand kwam (iedere post was goedgekeurd door de gemeenteraad), belemmerde het toch een helder inzicht in de staat van de gemeentefinanciën.

Met de invoering van het BBV per 1 januari 2005 zijn veel van de kritiekpunten weggenomen. Zo kunnen inkomsten niet meer direct ten gunste van het vermogen worden geboekt, maar moeten via de resultatenrekening lopen. Deze praktijk, in het bedrijfsleven reeds lang gehanteerd, maakt de feitelijke baten en lasten beter zichtbaar.

Op basis van de ervaringen in 2005 is gebleken dat bepaalde punten nog kunnen worden verbeterd. Het NIVRA wil in samenwerking met onder andere de Commissie BBV, het ministerie van Binnenlandse Zaken en zo mogelijk de Raad voor de Jaarverslaggeving hierover adviseren. Uitgangspunten zijn hierbij onder meer: de internationale verslaggevingsregels van overheden, de ontwikkelingen bij de rijksoverheid, en de vraag in welke mate de eigenheid van een bepaalde sector een rol moet spelen.

Voor wat betreft Verhoef: zijn kritiek was terecht voorzover de weergave in jaarrekeningen van vóór 2004 niet consistent en helder was. Van een onjuíste weergave was echter geen sprake, laat staan van fraude. De goedkeurende verklaringen van accountants zijn terecht gegeven, hetgeen diverse malen door de tuchtrechter is bevestigd. Het probleem lag dan ook bij de verslaggevingsregels, een situatie die inmiddels aanmerkelijk is verbeterd (hoewel het altijd nóg beter kan).

Het NIVRA overweegt geen klacht tegen Verhoef. De tuchtrechter heeft zich de afgelopen jaren herhaaldelijk uitgesproken in de procedures die door en tegen hem zijn aangespannen. Een nieuwe tuchtprocedure zou hier weinig meer toevoegen.


Hierna dezelfde reactie maar nu aangevuld met commentaar (in rood) van Leo Verhoef.


Reactie NIVRA inzake Verhoef


De afgelopen jaren is er kritiek geuit op vermeende onjuistheden in de jaarrekening van gemeenten. De kritiek richtte zich vooral op de verslaggevingsregels van het ministerie van Binnenlandse Zaken waaraan gemeenten, provincies en accountants zich moeten houden.

Mijn kritiek richtte zich NIET op de verslaggevingsregels, maar op de misleidende cijfers. Dat is iets heel anders.

Het NIVRA realiseert zich blijkbaar niet dat een accountantsverklaring bij een jaarrekening twee geheel verschillende onafhankelijke oordelen weergeeft:
1. de jaarrekening geeft wel/niet een betrouwbaar beeld van omvang en samenstelling van vermogen en van baten en lasten en saldo daarvan;
2. de jaarrekening voldoet wel/niet aan wettelijke verslaggevingsregels.
Mijn kritiek was dat die jaarrekeningen GEEN betrouwbaar beeld gaven van die omvang en samenstelling van dat vermogen en dat resultaat.
Mijn kritiek was OOK dat die jaarrekeningen NIET voldeden aan de wettelijke eisen, omdat die eis(t)en:
a. de jaarrekening van een gemeente moet betrouwbaar zijn, opgemaakt volgens 'normen die in het maatschappelijk verkeer als aanvaardbaar worden beschouwd' (artikel 3);
b. de winst-en-verliesrekening moet alle baten en lasten bevatten en moet het saldo geven van alle baten en lasten (artikel 27).

Belangrijkste punt van kritiek was dat gemeenten zich in hun jaarrekening armer voordeden dan ze feitelijk waren.

Dat is NOOIT mijn punt van kritiek geweest. Mijn kritiek was dat er baten en lasten buiten de winst-en-verliesrekening werden gehouden en dat wat als saldo van baten en lasten werd gepresenteerd (het onvolledige saldo van de onvolledige winst-en-verliesrekening), NIET het saldo was van alle baten en lasten.

Gesuggereerd werd dat ze bepaalde inkomsten buiten de jaarrekening zouden houden, met als gevolg een te hoog niveau van gemeentelijke belastingen.

Dat heb ik NOOIT gesuggereerd.

Nu was het buiten de jaarrekening houden van inkomsten niet aan de orde: de goedgekeurde jaarrekeningen gaven wel degelijk een getrouw beeld.

Een jaarrekening met een onvolledige winst-en-verliesrekening geeft GEEN 'getrouw' (= betrouwbaar)
beeld van de omvang en samenstelling van de baten en lasten en het saldo daarvan en voldoet niet aan 'normen die in het maatschappelijk verkeer als aanvaardbaar worden beschouwd', als bovendien nergens in de toelichting melding wordt gemaakt van het feit dat er behalve de in de winst-en-verliesrekening opgenomen baten en lasten ook nog andere baten en lasten zijn, laat staan welke baten en lasten dat zijn, en bovendien expliciet en herhaaldelijk het onvolledige saldo van de onvolledige winst-en-verliesrekening als het volledige saldo wordt gepresenteerd.


De accountant zit dan ook nog eens goed fout omdat zijn verklaring ook alles dekt wat tezamen met de jaarrekening wordt gepubliceerd en iets over die jaarrekening zegt.

Het misverstand kwam voort uit het feit dat de resultatenrekening niet alle inkomsten en uitgaven bevatte.

Dit is geen misverstand maar een eenvoudige constatering.


Het NIVRA geeft hier dus toe dat Leo Verhoef helemaal gelijk had (en heeft) over buiten de resultatenrekening gelaten baten en lasten. Daar had het NIVRA het bij moeten laten. De rest van het verhaal is koeterwaals, rookgordijnen en een heleboel mist.

Een deel van de inkomsten was namelijk rechtstreeks verwerkt in het eigen vermogen.

Dit is waar, maar dit is boekhoudtechniek; techniek waar de niet-accountant-lezer helemaal niets van begrijpt. Bovendien is het maar ten dele waar: het ging vaak om heel veel baten èn lasten.

Hoewel deze wijze van boeken volgens de regels ...

Het ging NIET volgens de (wettelijke) regels!

... en op democratische wijze tot stand kwam (iedere post was goedgekeurd door de gemeenteraad), ...

Dus als iets 'democratisch tot stand komt' is het niet meer fout, is het niet meer laakbaar, is het niet meer strafbaar? Moest het NIVRA maar eens aan de vroegere Ahold-top gaan vertellen. Daar hebben ze ook heel democratisch besloten side letters te maken en te ondertekenen en foute jaarrekeningen te maken!

Bovendien: weten/wisten die gemeenteraadsleden veel waartoe ze besloten. Dat heeft een niveau van drie keer helemaal niets.

... belemmerde het toch een helder inzicht in de staat van de gemeentefinanciën.

Dus zegt het NIVRA dat er inderdaad sprake was van belemmering van een helder beeld, dus van een niet-getrouw beeld!


En wat is eigenlijk "de staat van de gemeentefinanciën"?

Met de invoering van het BBV per 1 januari 2005 zijn veel van de kritiekpunten weggenomen.

O ja, welk onderzoek heeft dat uitgewezen? Mij is niets gevraagd! 
Welke kritiekpunten zijn dan weggenomen?
Waren er dan kritiekpunten? Nee toch, gezien al die goedkeurende accountantsverklaringen? Ook dat nieuwe BBV heeft een hoog amateuristisch knoeiwerk-gehalte. Maar nogmaals, het heeft met wettelijke regels helemaal niets uistaande. Kijk voor mijn bevindingen over de jaarrekeningen 2004 (onder dat BBV) in de lijst "Uw gemeente en provincie". De ongelofelijke amateuristische knoeiboel gaat gewoon door. Met alweer allemaal goedkeurende accountantsverklaringen.

Zo kunnen inkomsten niet meer direct ten gunste van het vermogen worden geboekt, maar moeten via de resultatenrekening lopen. Deze praktijk, in het bedrijfsleven reeds lang gehanteerd, maakt de feitelijke baten en lasten beter zichtbaar.

Dus die feitelijke baten en lasten waren inderdaad, zoals Leo Verhoef zei en zegt, niet zichtbaar?

Op basis van de ervaringen ...

Welke ervaringen, van wie?

... in 2005 is gebleken dat bepaalde punten nog kunnen worden verbeterd.

Welke punten? In de jaarrekeningen? In de wettelijke regels?

Het NIVRA wil in samenwerking met onder andere de Commissie BBV, het ministerie van Binnenlandse Zaken en zo mogelijk de Raad voor de Jaarverslaggeving ...

Doet Leo Verhoef ook nog mee?

... hierover adviseren. Uitgangspunten zijn hierbij onder meer: de internationale verslaggevingsregels van overheden, de ontwikkelingen bij de rijksoverheid, en de vraag in welke mate de eigenheid van een bepaalde sector een rol moet spelen. Voor wat betreft Verhoef: zijn kritiek was terecht ...

Dus Leo Verhoef had/heeft gelijk!

... voorzover de weergave in jaarrekeningen van vóór 2004 niet consistent en helder was.

Mijn kritiek had GEEN betrekking op 'consistent' en 'helder'. Mijn kritiek was is iets heel anders!

Van een onjuíste weergave was echter geen sprake, ...

Merkwaardige uitspraak. Het NIVRA zegt eerst dat er inderdaad baten en lasten buiten de winst-en-verliesrekeningen werden gehouden. Er was dan dus WEL sprake van een onjuiste weergave!

... laat staan van fraude.

Ik heb het NOOIT gehad over 'fraude' maar altijd over 'boekhoudfraude'  (een uiterst ongelukkige vertaling van het Engelse 'accounting fraud'). Boekhoudfraude heeft met 'fraude' helemaal niets uitstaande, maar is wat in ons Wetboek van Strafrecht wordt genoemd: valsheid in geschrifte.

De goedkeurende verklaringen van accountants zijn terecht gegeven, ...

Die goedkeurende verklaringen zijn dus NIET terecht gegeven!

... hetgeen diverse malen door de tuchtrechter is bevestigd.

Dat heeft die tuchtrechter NOOIT gezegd!
Wat de tuchtrechter wèl zei, is uitgebreid te lezen in "Dossier: Tuchtzaken".

Het probleem lag dan ook bij de verslaggevingsregels, ...

Het probleem lag NIET bij de verslaggevingsregels.

... een situatie die inmiddels aanmerkelijk is verbeterd (hoewel het altijd nóg beter kan).

Dat BBV is heel wat slechter dan die oude CV. Het probleem was dat niemand zich aan die CV hield. (Hoewel die CV hier en daar wel een redactionele verbetering hadden kunnen gebruiken.)

Het NIVRA overweegt geen klacht tegen Verhoef.

Wat had die klacht dan moeten zijn? Dat Verhoef maar niet ophoudt te roepen dat de jaarrekeningen van de meeste gemeenten en provincies zwaar misleidend zijn en dus ten onrechte van goedkeurende accountantsverklaringen zijn voorzien?

De tuchtrechter heeft zich de afgelopen jaren herhaaldelijk uitgesproken in de procedures die door en tegen hem zijn aangespannen.

Het NIVRA laat er zich niet over uit wat die tuchtrechter wel en vooral NIET heeft uitgesproken. In het "Dossier: Tuchtzaken" is hierover een boeiend verhaal te lezen
.

Een nieuwe tuchtprocedure zou hier weinig meer toevoegen.

Ongelofelijk, wat een knoeiwerk van het bestuur van het Koninklijk NIVRA. Daar is het maatschappelijk verkeer, dat accountants altijd zo hoog zit, beslist niet mee gebaat. Dat is gebaat bij betrouwbare jaarrekeningen van gemeenten en provincies. Dat is niet gebaat met het broddelwerk dat de meeste van die jaarrekeningen zijn en niet met het broddelwerk van de accountants die dat broddelwerk van goedkeurende verklaringen voorzien en niet met het broddelwerk van een Raad van Tucht die die knoeiende accountants vrijuit laat gaan en niet met dit broddelwerk van het bestuur van de beroepsgroep van die accountants.


In Accountingweb.nl (dd. 24 februari 2006) liet het NIVRA weten: "Verhoef heeft zeker een punt. In dat opzicht heeft het NIVRA vroeger niet altijd adequaat gereageerd".
Het NIVRA heeft alweer niet adequaat gereageerd.