Dossier: Minister van Financiën
drs. L.W. Verhoef
registeraccountant
Kersengaard 13
3962 JR Wijk bij Duurstede

Wijk bij Duurstede, 16 mei 2002

De Minister van Financiën
De heer drs. G. Zalm
Postbus 20201
2500 EE 's-Gravenhage

Betreft: Verzwegen miljarden in jaarrekeningen van gemeenten en provincies

Geachte heer Zalm,

Onder uw hoede valt o.a. het Gemeentefonds en het Provinciefonds. Deze Fondsen worden gevoed uit de Inkomstenbelasting, dus uit uw en mijn inkomen. De inkomsten in deze Fondsen worden verdeeld over gemeenten respectievelijk provincies. De vragen zijn dus belangrijk: Hebben de gemeenten en de provincies dit geld nodig?, en: Wat doen ze met dit geld?
Antwoorden op deze vragen zou je moeten kunnen vinden in de jaarrekeningen van onze gemeenten en provincies. Dus is het belangrijk dat deze jaarrekeningen betrouwbaar zijn. Dus is het belangrijk dat de accountantsverklaringen bij deze jaarrekeningen die zeggen dat de betreffende jaarrekeningen betrouwbaar zijn, ook betrouwbaar zijn.

Wat zou u ervan zeggen als u vernam dat de jaarrekeningen van (de meeste van) onze gemeenten en provincies verre van betrouwbaar zijn, dat in die jaarrekeningen op heel grote schaal grote bedragen aan opbrengsten en kosten eenvoudigweg voor de burgers c.q. belastingbetalers c.q. het Rijk als grote belanghebbende verzwegen worden? Wat zou u ervan zeggen als u vernam dat er aan die jaarrekeningen nog heel veel meer grondig mis is? Wat zou u ervan zeggen als u vernam dat dus al die goedkeurende accountantsverklaringen volkomen ten onrechte bij die jaarrekeningen zijn opgenomen?

Het verbaast mij dat in dit kader mijn activiteiten en wat daarover in de media is opgemerkt, aan uw aandacht zijn ontsnapt.
Als dat niet het geval was geweest, had u stellig passende maatregelen genomen!

Al enige jaren houd ik mij bezig met het verschijnsel dat (veel) gemeente- en provinciebesturen in hun jaarrekeningen, dus in hun verantwoording aan de burgers, belastingbetalers en andere belanghebbenden, op incorrecte, onbetrouwbare, dus misleidende wijze, verslag doen van de baten (opbrengsten) en lasten (kosten) en van de financiële positie van hun gemeente of provincie. Grote bedragen aan baten en lasten worden aan het zicht onttrokken door ze te verzwijgen en daardoor niet te verantwoorden. Uiteraard voldoen deze jaarrekeningen daardoor ook niet aan de betreffende wettelijke voorschriften (i.c. de Comptabiliteitsvoorschriften).
Onlangs (2 maart 2002) besteedde Vrij Nederland daar aandacht aan in een publicatie met als kop Gemeenten verbergen miljarden (zie bijlage). Eerder wees ik op dit verschijnsel in de Volkskrant van 25 oktober 1999 (zie bijlage).
Volgens het overzicht in Vrij Nederland verzwegen in 2000 de 30 grote gemeenten ƒ 3,8 miljard. Moest hiermee bijvoorbeeld de vraag naar de noodzaak van al die verhogingen van de OnroerendZaakBelastingen of zelfs naar de noodzaak van het bestaan van de OnroerendZaakBelastingen voorkomen worden? Hoefde de Minister van Financiën niet te weten dat de uitkeringen uit het Gemeentefonds en Provinciefonds meer dan toereikend waren, misschien zelfs hoger dan nodig?

Het onderzoek naar de verzwegen miljarden bij de grote gemeenten is van mij. Eenzelfde onderzoek heb ik ook gedaan naar de verzwegen miljoenen door de provincies. Deze verzwegen met z'n twaalven in 2000 een bedrag van ruim ƒ 1 miljard!
En hoeveel zouden al die andere gemeenten verzwegen hebben?
Ik heb ook informatie over veel andere gemeenten. Ook die informatie liegt er niet om!

Het is opmerkelijk dat bij al deze onbetrouwbare en misleidende jaarrekeningen goedkeurende accountantsverklaringen staan. Een goedkeurende accountantsverklaring drukt uit dat naar het oordeel van de accountant de betreffende verantwoording, i.c. jaarrekening, een betrouwbaar beeld geeft en ook voldoet aan de wettelijke bepalingen. De goedkeurende accountantsverklaringen bij deze gemeentelijke en provinciale jaarrekeningen zijn dus volstrekt ten onrechte gegeven.
Vrij Nederland eindigt de publicatie met: "Het mag zo zijn dat de polder nog geen Enron-affaire kent, ook in Nederland zien de accountants allerlei vormen van creatief boekhouden door de vingers".

Over deze misstand probeer ik, zelf registeraccountant, al jaren met het bestuur van het NIVRA in gesprek te komen. Het bestuur van het NIVRA weigert categorisch met mij over deze misstand te praten, laat staan passende maatregelen te nemen om aan deze misstand een einde te maken. Het enige dat het bestuur van het NIVRA doet is proberen mij monddood te maken.

Ik probeer ook al jaren de aandacht van "de politiek" te vragen voor deze misstand.
Gemeente- en provinciebesturen, toch de eerstverantwoordelijken, willen gewoonweg niet begrijpen wat ik aan de orde stel als ik hen in een brief wijs op de tekortkomingen in hun jaarrekeningen (en begrotingen). Het enkele gemeenteraadslid of -fractie die naar aanleiding van mijn brief de kwestie in zijn/haar gemeente aan de orde stelt, wordt onmiddellijk politiek neergesabeld. Op het onderwerp rust blijkbaar een zwaar taboe.
Al jaren probeer ik de achtereenvolgende ministers van Binnenlandse Zaken op deze misstand te wijzen. Op mijn brieven krijg ik zelfs geen bericht van ontvangst, laat staan dat er inhoudelijk gereageerd wordt. Het is ook niet makkelijk om als minister toe te geven dat je deze misstand, ondanks je toezicht, nooit eerder zelf hebt opgemerkt en dat je toezicht (na de Zuid-Holland-affaire) ook hierin faalt.
Al jaren probeer ik de Tweede Kamer op deze misstand te wijzen. Ik vind alleen bij het CDA gehoor. De rest dekt deze misstand eenvoudigweg af.

Over de houding van het bestuur van het NIVRA schreef ik al in de Volkskrant van 25 oktober 1999. De situatie in april 2002 is ongewijzigd. Wordt dit niet mede veroorzaakt doordat "de politiek" het allemaal wel goed vindt?

De Ombudsman van de Volkskrant reageerde al in 1999 (zie bijlage) op mijn bijdrage in zijn krant met zijn verbazing dat, hoewel de affaire een parlementaire enquête waard was, niets of niemand reageerde.
In dezelfde reactie van de Ombudsman leest u ook: "De man (ik dus) blijkt indertijd zelfs zijn baan te zijn kwijtgeraakt, omdat hij niet langer zijn handtekening wilde zetten onder goedkeuringsverklaringen voor jaarstukken van overheden. Als een 'klokkenluider' ...."
Klokkenluiders worden en werden slecht behandeld. Kantonrechters maken met klokkenluiders korte metten. "Handdrukken" zijn er voor "lastige mensen" echt niet bij. En het GAK vindt dat "lastige mensen" geen recht hebben op een volledige WW-uitkering.
Het is na mijn ontslag nooit meer goed gekomen. Dat is blijkbaar de dank van "de maatschappij".

Jammer dat minister Zalm, als minister verantwoordelijk voor wat er in het Gemeentefonds en Provinciefonds omgaat, nooit met mij contact heeft opgenomen over deze Enron-affaire in eigen land.

Een brief met soortgelijke inhoud stuurde ik onlangs naar uw collega van Economische Zaken, mevrouw A. Jorritsma.

Mag ik uw reactie vernemen?

Met vriendelijke groet en hoogachting,

L.W. Verhoef