Dossier: Bodegraven-Reeuwijk
drs. L.W. Verhoef
registeraccountant
Kersengaard 13
3962 JR Wijk bij Duurstede

Wijk bij Duurstede, 3 september 2012

De gemeenteraad van
gemeente Bodegraven-Reeuwijk
Postbus 401
2410 AK Bodegraven

Betreft: Jaarrekening 2011 van gemeente Bodegraven-Reeuwijk

Geachte Raad,

Voor u als gemeenteraad is de jaarrekening van uw gemeente een belangrijk document: hiermee legt het college van burgemeester en wethouders rekening en verantwoording aan u af over het gevoerde (financiŽle) beheer en verder is de jaarrekening voor u een belangrijk toetsingsmiddel voor de betrouwbaarheid van de begrotingen. Op basis van deze jaarrekeningen en begrotingen beslist u over de hoogte van de gemeentelijke belastingen en over het wel of niet doorgaan van belangrijke activiteiten. Ook voor de (geÔnteresseerde) burgers is de jaarrekening een belangrijk document: d.m.v. de jaarrekening legt het gemeentebestuur al dan niet met uw instemming aan de burgers rekening en verantwoording af over de besteding van de belastinggelden en het gevoerde (financiŽle) beheer. Het is dus erg belangrijk dat de jaarrekening en de begroting betrouwbaar zijn.
Ik doe al enige jaren onderzoek naar jaarrekeningen van gemeenten en provincies. Mijn conclusie is dat de jaarrekeningen van veel gemeenten en provincies onbetrouwbaar en dus misleidend zijn. Ondanks de goedkeurende accountantsverklaringen daarbij die het tegendeel beweren.
Veelal geldt dat voor de presentatie van de baten en de lasten en het saldo daarvan. Het geldt veelal ook voor de presentatie van de financiŽle positie.
Het geldt ook voor de jaarrekening 2011 van gemeente Bodegraven-Reeuwijk.

De rekening van baten en lasten over 2011 sluit met een nadelig saldo van opbrengsten en kosten van € 3,8 miljoen. In werkelijkheid leed de gemeente een verlies van € 8,6 miljoen (info). Er wordt dus € 4,8 miljoen verzwegen.
En al eerder (in de jaarrekeningen van gemeente Bodegraven):
De rekening van baten en lasten over 2005 sloot met een voordelig saldo van € 0,1 miljoen. Het werkelijke saldo was € 3,7 miljoen. Er werd dus € 3,6 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2006 sloot met een nadelig saldo van € 11.000. Het werkelijke saldo was nadelig € 1,7 miljoen. Er werd dus € 1,7 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2007 sloot met een voordelig saldo van € 1,4 miljoen. Het werkelijke saldo was nadelig € 0,5 miljoen. Er werd dus € 1,9 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2008 sloot met een voordelig saldo van € 3,7 miljoen. Het werkelijke saldo was € 2,6 miljoen. Er werd dus € 1,1 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2009 sloot met een voordelig saldo van € 1,0 miljoen. Het werkelijke saldo was nadelig € 0,4 miljoen. Er werd dus € 1,4 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2010 sloot met een nadelig saldo van opbrengsten en kosten van € 0,9 miljoen. In werkelijkheid leed de gemeente een verlies van € 2,1 miljoen. Er werd dus € 1,2 miljoen verzwegen.

Opvallend:
Over de periode 2006-2011 werd telkens een beter saldo van opbrengsten en kosten gepresenteerd dan het werkelijke. Over die periode werd een voordelig saldo gepresenteerd van € 1,4 miljoen. In werkelijkheid leed de gemeente een verlies van € 10,7 miljoen. Een verschil derhalve van € 12,1 miljoen.

Bovenstaande cijfers krijgen reliŽf als men bedenkt dat de opbrengst van de Onroerendezaakbelasting in 2011 een bedrag was van € 5,8 miljoen.

Ook de weergave van de financiŽle positie is verre van juist. In de balans bijvoorbeeld komen onder de verplichtingen bedragen voor die in het geheel geen verplichtingen zijn, en anderzijds ontbreken wŤl bestaande verplichtingen. Het betekent ook dat de hiermee samenhangende kosten (zoals personeelskosten, verschillende onderhoudskosten) verkeerd in de rekening zijn opgenomen. Aan de jaarrekening zelf is dus wŤl te ontlenen dat het saldo van de baten en de lasten niet het gesuggereerde bedrag van € 3,8 miljoen is, maar stelt niet in staat te zien wat dan het saldo van de baten en de lasten wŤl is.

Wat als saldo van baten en lasten wordt gepresenteerd, is niet het werkelijke saldo, verschillende baten en lasten worden verkeerd gepresenteerd, en wat als financiŽle positie wordt gepresenteerd, is niet de werkelijke financiŽle positie. Dat betekent dat de jaarrekening totaal onbruikbaar is als verantwoordings- en sturingsinstrument en dus alleen maar bruikbaar is in de openhaard.

In de jaarrekening en het jaarverslag 2011 komt ook heel veel onzin voor, bijvoorbeeld waar het gaat over reserves, over voorzieningen, over een "resultaat" dat het resultaat niet is, en een "resultaat voor bestemming" en een "resultaat na bestemming" (er is maar ťťn resultaat en dat is het resultaat, i.c. het saldo van de baten en de lasten), over zoiets als een "programmarekening" (zoiets heet in gangbaar Nederlands een rekening van baten en lasten of een winst-en-verliesrekening), over paragrafen die geen paragrafen zijn, over zoiets als "weerstandsvermogen" en "weerstandscapaciteit" met zelfs een berekening van de nonsens, over treasury, over zoiets als "investeringen met een economisch nut" en "investeringen met een maatschappelijk nut", en een onzinnige bijlage over zoiets als "SISA". Dit soort onzin zet alleen maar de lezer op het verkeerde been en leidt af van waar het werkelijk over zou moeten gaan.
Overigens adviseer ik u sterk tot het opheffen van alle reserves, deze samen te voegen tot ťťn Algemene reserve, en alle baten en alle lasten op te nemen in waar ze thuishoren, namelijk in de begroting respectievelijk in de rekening van baten en lasten. Dat zal het inzicht in waar het echt over moet gaan, aanmerkelijk verbeteren.

U leest er heel veel meer over op de website www.leoverhoef.nl, te beginnen met: "Boekhoudfraude bij gemeenten en provincies schering en inslag". Op de website treft u mijn bevindingen over de jaarrekeningen van Bodegraven-Reeuwijk aan in de lijst "Uw gemeente en provincie". Deze brief en mijn eerdere correspondentie met u als gemeenteraad over de misleidende jaarrekeningen treft u aan in "Dossier: Bodegraven-Reeuwijk" en "Dossier: Reeuwijk".

Volgens BBV artikel 3 moeten de jaarstukken met name voor gemeenteraadsleden goed te begrijpen zijn. U kunt het beste zelf beoordelen of aan deze eis is voldaan. Volgens uw accountant heeft u hem gezegd dat u het allemaal prima begrijpt. Hoe kan hij anders beweren dat u de jaarrekening goed begrijpt?

Graag was ik u van dienst.

Met vriendelijke groet en hoogachting,

L.W. Verhoef