Dossier: BiZa
drs. L.W. Verhoef
registeraccountant
Kersengaard 13
3962 JR Wijk bij Duurstede

Wijk bij Duurstede, 27 mei 2002

De Minister van Binnenlandse Zaken en

Koninkrijksrelaties
De heer mr. K.G. de Vries
Postbus 20011
2500 EA Den Haag

Betreft:  Financiële verslaggeving door gemeenten en provincies
             Concept Comptabiliteitsvoorschriften 2004

Geachte heer De Vries,

Met mijn brieven d.d. 8 mei jl. en 20 mei jl. deed ik u mijn commentaar toekomen bij de concept Comptabiliteitsvoorschriften 2004.
In mijn brief van 8 mei jl. wees ik o.a. op het verschijnsel dat in de Toelichting bij die nieuwe Comptabiliteitsvoorschriften herhaalde keren wordt gesteld dat bepaalde misstanden onder de huidige Comptabiliteitsvoorschriften 1995 wèl zouden zijn toegestaan, maar m.i.v. de nieuwe Comptabiliteitsvoorschriften 2004 niet meer. Het risico bestaat nu dat gemeentebesturen en accountants met die Toelichting in de hand, bepaalde thans voorkomende onregelmatigheden in de weergave van de opbrengsten en de kosten en van de vermogenspositie verdedigen door te verwijzen naar die Toelichting. Het risico bestaat zelfs dat sommige gemeentebesturen nog niet bij hen voorkomende onregelmatigheden vanaf nu juist gaan aanbrengen omdat zij in de nieuwe Toelichting lezen dat het nu (nog) mag.
Van verschillende van deze "goedpraterijen" in de nieuwe Toelichting heb ik u in mijn commentaar geschreven dat deze volstrekt ten onrechte in de nieuwe Toelichting zijn opgenomen.  Ik schreef u dat heel wat van de huidige misstanden weliswaar praktijk zijn, die bovendien door accountants goedgekeurd worden, maar beslist niet aan de huidige Comptabiliteitsvoorschriften kunnen worden ontleend. Laat staan dat de Comptabiliteitsvoorschriften daartoe aanzetten. Ik gaf u verschillende voorbeelden.

Intussen doen de eerste ongelukken zich al voor en worden er aan de nieuwe Toelichting rechten ontleend om een misleidende voorstelling van zaken te geven.

Zoals u ongetwijfeld weet, heb ik een tiental accountants bij de Raad van Tucht aangeklaagd omdat zij ten onrechte goedkeurende accountantsverklaringen hebben gegeven bij jaarrekeningen die een onbetrouwbaar beeld geven van de opbrengsten, de kosten en de vermogenspositie. Van de eerste door mij aanhangig gemaakte zaken hebben de betreffende accountants verweerschriften ingediend. In hun verweerschrift verwijzen sommigen niet naar de huidige Comptabiliteitsvoorschriften om daaraan te ontlenen dat de betreffende jaarrekening overeenkomstig de bepalingen van de Comptabiliteitsvoorschriften is opgemaakt, nee zij verwijzen naar de Toelichting bij de nieuwe Comptabiliteitsvoorschriften waar dus staat dat bepaalde door mij gewraakte misstanden onder de huidige Comptabiliteitsvoorschriften zouden zijn toegestaan.

Ik had verwacht dat de Minister van Binnenlandse Zaken mijn natuurlijke bondgenoot zou zijn in mijn strijd tegen al die onbetrouwbare en misleidende jaarrekeningen van gemeenten en provincies. Dat blijkt dus niet het geval te zijn. De Minister blijkt al die misstanden zelfs goed te praten. Ongelooflijk!

Ik denk dat zo spoedig een eind moet worden gemaakt aan de gedachten dat al die huidige misstanden in de begrotingen en jaarrekeningen van gemeenten en provincies worden mogelijk gemaakt of zelfs ingegeven door de huidige Comptabiliteitsvoorschriften. Dus zou er van de Toelichting bij de concept Comptabiliteitsvoorschriften 2004 op geen enkele manier een suggestie mogen uitgaan dat de huidige misstanden worden mogelijk gemaakt door de huidige Comptabiliteitsvoorschriften.
Dat betekent naar mijn overtuiging dat er niets anders opzit dan dat u het voorstel voor de nieuwe Comptabiliteitsvoorschriften en vooral de toelichting daarbij, intrekt.

Ik geef u dringend in overweging dit zo spoedig mogelijk te doen.

Mag ik van u vernemen?

Met vriendelijke groet en hoogachting,

L.W. Verhoef