Dossier: Amsterdam
drs. L.W. Verhoef
registeraccountant
Kersengaard 13
3962 JR Wijk bij Duurstede

Wijk bij Duurstede, 12 juni 2017

De gemeenteraad van
gemeente Amsterdam
Postbus 202
1000 AE Amsterdam

Betreft: Jaarrekening 2016 van gemeente Amsterdam

Geachte Raad,

Voor u als gemeenteraad is de jaarrekening van uw gemeente een belangrijk document: hiermee legt het college van burgemeester en wethouders rekening en verantwoording aan u af over het gevoerde (financiŽle) beheer en verder is de jaarrekening voor u een belangrijk toetsingsmiddel voor de betrouwbaarheid van de begrotingen. Op basis van deze jaarrekeningen en begrotingen beslist u over de hoogte van de gemeentelijke belastingen en over het wel of niet doorgaan van belangrijke activiteiten. Ook voor de (geÔnteresseerde) burgers is de jaarrekening een belangrijk document: d.m.v. de jaarrekening legt het gemeentebestuur al dan niet met uw instemming aan de burgers rekening en verantwoording af over de besteding van de belastinggelden en het gevoerde (financiŽle) beheer. Het is dus erg belangrijk dat de jaarrekening en de begroting betrouwbaar zijn.
Ik doe al enige jaren onderzoek naar jaarrekeningen van gemeenten en provincies. Mijn conclusie is dat de jaarrekeningen van veel gemeenten en provincies onbetrouwbaar en dus misleidend zijn. Ondanks de goedkeurende accountantsverklaringen daarbij die het tegendeel beweren.
Veelal geldt dat voor de presentatie van de baten en de lasten en het saldo daarvan. Het geldt veelal ook voor de presentatie van de financiŽle positie.
Het geldt ook voor de jaarrekening 2016 van gemeente Amsterdam.

De rekening van baten en lasten over 2016 sluit met een voordelig saldo van opbrengsten en kosten van € 160 miljoen. In werkelijkheid is het voordelig saldo € 198 miljoen (berekening). Er wordt dus € 38 miljoen verzwegen.
En al eerder:
De rekening van baten en lasten over 1998 sloot met een voordelig saldo van € 1 miljoen. Het werkelijke saldo was € 292 miljoen. Er werd dus € 291 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 1999 sloot met een saldo van € 0 miljoen. Het werkelijke saldo was € 376 miljoen. Er werd dus € 376 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2000 sloot met een saldo van € 0 miljoen. Het werkelijke saldo was € 722 miljoen. Er werd dus € 722 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2001 sloot met een nadelig saldo van € 5 miljoen. Het werkelijke saldo was voordelig € 350 miljoen. Er werd dus € 355 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2002 sloot met een voordelig saldo van € 17 miljoen. Het werkelijke saldo was € 440 miljoen. Er werd dus € 423 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2003 sloot met een nadelig saldo van € 6 miljoen. Het werkelijke tekort was € 194 miljoen. Er werd dus € 188 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2004 sloot met een voordelig saldo van € 60 miljoen. Het werkelijke saldo was € 398 miljoen. Er werd dus € 338 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2005 sloot met een voordelig saldo van € 45 miljoen. Het werkelijke saldo was € 208 miljoen. Er werd dus € 163 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2006 sloot met een saldo van € 0 miljoen. In werkelijkheid hield de gemeente € 121 miljoen over. Er werd dus € 121 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2007 sloot met een voordelig saldo van € 52 miljoen. In werkelijkheid hield de gemeente € 113 miljoen over. Er werd dus € 61 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2008 sloot met een voordelig saldo van € 105 miljoen. In werkelijkheid hield de gemeente € 570 miljoen over. Er werd dus € 465 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2009 sloot met een voordelig saldo van € 121 miljoen. Het werkelijke voordelig saldo was € 849 miljoen. Er werd dus € 728 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2010 sloot met een voordelig saldo van € 32 miljoen. In werkelijkheid leed de gemeente een verlies van € 135 miljoen. Er werd dus € 167 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2011 sloot met een voordelig saldo van € 36 miljoen. Het werkelijke voordelig saldo was € 121 miljoen. Er werd dus € 85 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2012 sloot met een voordelig saldo van € 96 miljoen. In werkelijkheid leed de gemeente een verlies van € 90 miljoen. Er werd dus € 186 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2013 sloot met een voordelig saldo van € 263 miljoen. In werkelijkheid hield de gemeente € 698 miljoen over. Er werd dus € 435 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2014 sloot met een voordelig saldo van € 79 miljoen. In werkelijkheid was er een nadelig saldo van € 3 miljoen. Er werd dus € 82 miljoen verzwegen.
De rekening van baten en lasten over 2015 sloot met een voordelig saldo van opbrengsten en kosten van € 152 miljoen. In werkelijkheid hield de gemeente zelfs € 192 miljoen over. Er werd dus € 40 miljoen verzwegen.

Samenvattend:
Over de periode 1998-2016 werd een voordelig saldo van opbrengsten en kosten gepresenteerd van € 1.208 miljoen. In werkelijkheid hield de gemeente in deze periode € 5.226 miljoen (ruim € 5,2 miljard !) over. Een verschil van € 4.018 miljoen (ruim € 4 miljard !).

Bovenstaande cijfers krijgen reliŽf als men bedenkt dat de opbrengst van de Onroerendezaakbelasting in de periode 1998-2016 € 2.817 miljoen was. De Onroerendezaakbelasting was dus in deze periode geheel en al onnodig!

De opbrengst van de Onroerendezaakbelasting in 2016 was € 168 miljoen.

Het werkelijke saldo van de baten en de lasten laat zich afleiden uit de toename of afname van het eigen vermogen. Volgens de balans bedraagt het eigen vermogen per 31.12.2016 € 8.054 miljoen en per 31.12.2015 € 7.856 miljoen. Er is dus sprake van een toename van het eigen vermogen in 2016 van € 198 miljoen. Dit is dus het werkelijke saldo van de baten en de lasten, d.w.z. een voordelig saldo van baten en lasten van € 198 miljoen.

Ook de weergave van de financiŽle positie is verre van juist. In de balans bijvoorbeeld zijn de vaste activa te laag weergegeven, onder de verplichtingen komen bedragen voor die in het geheel geen verplichtingen zijn, en anderzijds ontbreken wŤl bestaande verplichtingen. Het betekent ook dat de hiermee samenhangende kosten (zoals afschrijvingskosten, personeelskosten, verschillende onderhoudskosten) verkeerd in de rekening zijn opgenomen. Aan de jaarrekening zelf is dus wŤl te ontlenen dat het saldo van de baten en de lasten niet het gesuggereerde bedrag van € 160 miljoen is, maar stelt niet in staat te zien wat dan het saldo van de baten en de lasten wŤl is.

Wat als saldo van baten en lasten wordt gepresenteerd, is niet het werkelijke saldo, verschillende baten en lasten worden verkeerd gepresenteerd, en wat als financiŽle positie wordt gepresenteerd, is niet de werkelijke financiŽle positie. Dat betekent dat de jaarrekening totaal onbruikbaar is als verantwoordings- en sturingsinstrument en dus alleen maar bruikbaar is in de openhaard.

In de jaarrekening en het jaarverslag komt ook heel veel onzin voor, bijvoorbeeld waar het gaat over reserves, over voorzieningen, over een "resultaat" dat het resultaat niet is, en een "saldo van baten en lasten" dat het saldo van de baten en de lasten niet is, en een "rekeningresultaat" en een "jaarrekeningresultaat" (er is maar ťťn resultaat en dat is het resultaat, i.c. het saldo van de baten en de lasten), over paragrafen die geen paragrafen zijn, over zoiets als "weerstandsvermogen" en "weerstandscapaciteit" met zelfs een berekening van de nonsens, over "uitzettingen" met een of andere "rentetypische looptijd", over solvabiliteit, over zoiets als "investeringen met een economisch nut" en "investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut", en een onzinnige bijlage over zoiets als "SISA". Dit soort onzin zet alleen maar de lezer op het verkeerde been en leidt af van waar het werkelijk over zou moeten gaan.
Overigens adviseer ik u sterk tot het opheffen van alle reserves, deze samen te voegen tot ťťn Algemene reserve, en alle baten en alle lasten op te nemen in waar ze thuishoren, namelijk in de begroting respectievelijk in de rekening van baten en lasten. Dat zal het inzicht in waar het echt over moet gaan, aanmerkelijk verbeteren.

U leest er heel veel meer over op de website www.leoverhoef.nl, te beginnen met: "Boekhoudfraude bij gemeenten en provincies schering en inslag". Op de website treft u mijn bevindingen over de jaarrekeningen van Amsterdam aan in de lijst "Uw gemeente en provincie". Deze brief en mijn eerdere correspondentie met u als gemeenteraad over de misleidende jaarrekeningen, alsook mijn berekeningen van de werkelijke saldi van de opbrengsten en kosten, treft u aan in "Dossier: Amsterdam".

Volgens BBV artikel 3 moeten de jaarstukken met name voor gemeenteraadsleden goed te begrijpen zijn. U kunt het beste zelf beoordelen of aan deze eis is voldaan. Volgens uw accountant heeft u hem gezegd dat u het allemaal prima begrijpt. Hoe kan hij anders beweren dat u de jaarrekening goed begrijpt?

Graag was ik u van dienst.

Met vriendelijke groet en hoogachting,
L.W. Verhoef