Dossier: Amsterdam
drs. L.W. Verhoef
registeraccountant
Kersengaard 13
3962 JR Wijk bij Duurstede

Wijk bij Duurstede, 31 oktober 2015

De gemeenteraad van
gemeente Amsterdam
Postbus 202
1000 AE Amsterdam

Betreft: Begroting 2016 van gemeente Amsterdam

Geachte Raad,

Voor u als gemeenteraad is de begroting van uw gemeente een uiterst belangrijk document. Op basis van de begroting beslist u over de hoogte van de gemeentelijke belastingen en heffingen en over het wel of niet doorgaan van belangrijke activiteiten. Met de begroting geeft u (al dan niet) toestemming aan het gemeentebestuur tot het uitvoeren van de in de begroting vermelde activiteiten en tot het uitgeven van de daarvoor in de begroting opgenomen gelden. Ook voor de (geÔnteresseerde) burgers is de begroting belangrijk. Met de begroting legt u samen met het gemeentebestuur rekening en verantwoording af aan de burgers over de voorgenomen aanwending van de belastingmiddelen. Het is dus erg belangrijk dat de begroting betrouwbare informatie bevat.
De Begroting 2016 van gemeente Amsterdam is misleidend en is nžet betrouwbaar!

Ik doe al enige jaren onderzoek naar jaarrekeningen en begrotingen van gemeenten en provincies. Mijn conclusie is dat de jaarrekeningen en begrotingen van veel gemeenten en provincies onbetrouwbaar en dus misleidend zijn. Wat betreft de jaarrekeningen: ondanks de goedkeurende accountantsverklaringen daarbij die het tegendeel beweren.
Veelal geldt dat voor de presentatie van de baten en de lasten en het saldo daarvan. Het geldt veelal ook voor de presentatie van de financiŽle positie.
Het geldt ook voor de jaarrekeningen van gemeente Amsterdam. Het geldt ook voor de Begroting 2016 van Amsterdam.

Ik maak bij deze begroting de volgende opmerkingen:

1. In het begrotingsboekwerk wordt gesteld en/of gesuggereerd dat de Begroting 2016 sluit met een saldo van begrote opbrengsten en kosten van € 0 miljoen. Echter, niets is minder waar!

2. Het WERKELIJKE saldo van de begrote opbrengsten en kosten is NADELIG € 294 miljoen.
Het werkelijke saldo van de baten en de lasten volgt uit een vermogensvergelijking, d.w.z. het werkelijke saldo van de opbrengsten en de kosten over 2016 is gelijk aan de toename of afname van het Eigen vermogen in 2016.
Uit de vermogensvergelijking (met gegevens van pagina 441) volgt:
Eigen vermogen per 31.12.2016:                                        € 7.054.483.000
Eigen vermogen per 31.12.2015:                                           7.348.848.000
De Begroting 2016 heeft een NADELIG SALDO van     €   294.365.000

3. Met de gegevens van pagina 441 en de jaarrekening 2014 valt ook het verwachte saldo van de opbrengsten en de kosten over 2015 te berekenen.
Uit de vermogensvergelijking volgt:
Eigen vermogen per 31.12.2015:                                       € 7.348.848.000
Eigen vermogen per 31.12.2014:                                          7.585.379.000
2015: verwacht NADELIG SALDO                                  €    236.531.000

Het gemeentebestuur verwacht dus een nadelig saldo van opbrengsten en kosten over 2015 van € 237 miljoen. Was u dat al medegedeeld? Hoe verhoudt dit bedrag zich tot de door u goedgekeurde begroting(swijzigingen)?

Opvallend is dat het het Eigen vermogen per 31.12.2014 volgens het begrotingsboekwerk € 7.585.379.000 bedraagt, terwijl dat volgens de Jaarrekening 2014 € 7.663.968.000 bedraagt.

4. Met mijn brieven aan u in de afgelopen jaren liet ik u telkens weten dat uw jaarrekeningen eveneens misleidend zijn. Het gemeentebestuur deed het in de Jaarrekening 2014 voorkomen of de gemeente in dat jaar een voordelig saldo van opbrengsten en kosten had van € 79 miljoen. In werkelijkheid leed de gemeente in 2014 een verlies van € 3 miljoen. Tezamen met het verwachte verlies over 2015 van € 237 miljoen zal de gemeente in de periode 2014-2015 een verlies geleden hebben van € 240 miljoen.

5. De verliezen van de periode 2014-2015 betekenen dat er dus in deze periode € 240 miljoen meer is uitgegeven dan er werd ontvangen. Deze € 240 miljoen zijn uiteraard geleend bij financiŽle instellingen. De verliesfinanciering betekent een rentelast van (bij 3% rente) 3% x € 240 miljoen = € 7,2 miljoen. Wanneer u de Begroting 2016 ongewijzigd goedkeurt, stijgen de rentelasten van de komende jaren wat betreft de verliesfinanciering, met 3% x € 294 miljoen = € 8,9 miljoen naar € 16,1 miljoen per jaar.

6. Bovenstaande cijfers krijgen reliŽf als men bedenkt dat de opbrengst van de Onroerendezaakbelasting volgens de begroting in 2016 een bedrag zal zijn van € 162,6 miljoen. Hiervan is de eerste € 16,1 miljoen alleen al nodig voor de rentelasten vanwege de financiering van de verliezen van de jaren 2014-2016.

7. Uit de gegevens op pagina 441 blijkt dat het ingezette beleid zal leiden tot verliezen in 2017 van € 156 miljoen, in 2018 van € 27 miljoen en in 2019 van € 30 miljoen, tezamen € 213 miljoen, waardoor de rentelasten navenant zullen stijgen vanwege de extra verliesfinanciering met 3% x € 213 miljoen = € 6,4 miljoen.

8. In de begroting komen ongetwijfeld dezelfde fouten voor als die ik reeds signaleerde in de jaarrekeningen van de afgelopen jaren en waarvoor ik u met mijn brieven herhaaldelijk gewaarschuwd heb. Het betekent dat kosten als afschrijvingskosten, personeelskosten en verschillende onderhoudskosten verkeerd in de begroting zijn opgenomen. Het betekent dat wat als financiŽle positie wordt gepresenteerd, niet de financiŽle positie is.

9. Door het hele begrotingsboekwerk heen komt heel veel allemaal faliekante ONZIN voor over een "resultaat" dat het resultaat niet is, een "sluitende begroting", en bijvoorbeeld over reserves, voorzieningen, weerstandsvermogen en weerstandscapaciteit, een of ander niet-relevant "EMU-saldo" e.d. Deze nonsens zet de (niet ervaren) gemeenteraadsleden en andere gebruikers geweldig op het verkeerde been. Dit is ook strijdig met de wettelijke voorschriften, i.c. het BBV (Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten), dat in artikel 3 een begroting eist die voor gemeenteraadsleden begrijpelijk is.

10. Volgens de van toepassing zijnde wettelijke bepalingen (i.c. het BBV), die er op de eerste plaats zijn ter bescherming van de gemeenteraadsleden, moet de begroting zodanig gepresenteerd worden dat de lezer, en in het bijzonder IEDER gemeenteraadslid, zich een "verantwoord oordeel" kan vormen over wat er financieel aan de hand is (art 3). De begroting voldoet dus in het geheel niet aan deze eis.
Volgens hetzelfde BBV moet de begroting per onderscheiden programma inzicht geven in:
a. de doelstellingen, in het bijzonder de beoogde maatschappelijke effecten;
b. de wijze waarop ernaar gestreefd zal worden die effecten te bereiken.
U moet zelf beoordelen of u dit (in voldoende mate) in de voorliggende begroting vindt.

Conclusie
Eerst moet het gemeentebestuur de Begroting 2016 opnieuw maken. Pas DAARNA, als alles klopt en volledig is, kan en mag op verantwoorde wijze over de begroting besloten worden!

Graag was ik u weer van dienst.

Met vriendelijke groet,

L.W. Verhoef